Inlogformulier


Zoeken


Website
Internet

De Bijbel

Mijn weg door de kerk Wil je weten over welke gedeeltes uit de Bijbel in deze website informatie staat?

Mijn Facebook

Ga naar: mijn Facebook

Perikopen uit Openbaring

Openbaring 3 : 7 - 13
Nieuwe Vertaling
  1. En schrijf aan de engel der gemeente te Filadelfia: Dit zegt de Heilige, de Waarachtige, die de sleutel Davids heeft, die opent en niemand zal sluiten, en Hij sluit en niemand opent.
  2. Ik weet uw werken: zie, Ik heb een geopende deur voor uw aangezicht gegeven die niemand kan sluiten; want gij hebt kleine kracht, maar gij hebt mijn woord bewaard en mijn naam niet verloochend.
  3. Zie, Ik geef sommigen uit de synagoge des satans, van hen, die zeggen, dat zij Joden zijn en het niet zijn, maar liegen; zie, Ik zal maken, dat zij zullen komen en zich nederwerpen voor uw voeten, en erkennen, dat Ik u heb liefgehad.
  4. Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.
  5. Ik kom spoedig; houd vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme.
  6. Wie overwint, hem zal Ik maken tot een zuil in de tempel mijns Gods en hij zal niet meer daaruit gaan; en Ik zal op hem schrijven de naam mijns Gods en de naam van de stad mijns Gods, het nieuwe Jeruzalem, dat uit de hemel nederdaalt van mijn God, en mijn nieuwe naam.
  7. Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt.


Openbaring 3 : 7 - 13
Nieuwe Vertaling
  1. En schrijf aan de engel der gemeente te Filadelfia: Dit zegt de Heilige, de Waarachtige, die de sleutel Davids heeft, die opent en niemand zal sluiten, en Hij sluit en niemand opent.
  2. Ik weet uw werken: zie, Ik heb een geopende deur voor uw aangezicht gegeven die niemand kan sluiten; want gij hebt kleine kracht, maar gij hebt mijn woord bewaard en mijn naam niet verloochend.
  3. Zie, Ik geef sommigen uit de synagoge des satans, van hen, die zeggen, dat zij Joden zijn en het niet zijn, maar liegen; zie, Ik zal maken, dat zij zullen komen en zich nederwerpen voor uw voeten, en erkennen, dat Ik u heb liefgehad.
  4. Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.
  5. Ik kom spoedig; houd vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon neme.
  6. Wie overwint, hem zal Ik maken tot een zuil in de tempel mijns Gods en hij zal niet meer daaruit gaan; en Ik zal op hem schrijven de naam mijns Gods en de naam van de stad mijns Gods, het nieuwe Jeruzalem, dat uit de hemel nederdaalt van mijn God, en mijn nieuwe naam.
  7. Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt.


Openbaring 22 : 12 - 15
Nieuwe Vertaling
  1. Zie, Ik kom spoedig en mijn loon is bij Mij om een ieder te vergelden, naardat zijn werk is.
  2. Ik ben de alfa en de omega, de eerste en de laatste, het begin en het einde.
  3. Zalig zij, die hun gewaden wassen, opdat zij recht mogen hebben op het geboomte des levens en door de poorten ingaan in de stad.
  4. Buiten zijn de honden en de tovenaars, de hoereerders, de moordenaars, de afgodendienaars en ieder, die de leugen liefheeft en doet.


Openbaring 3 : 14 - 22
Nieuwe Vertaling
  1. En schrijf aan den Engel der gemeente te Laodicéa: Dit zegt de Amen, de getrouwe en waarachtige getuige, het begin der schepping Gods:
  2. Ik weet uwe werken, dat gij noch koud noch warm zijt; och dat gij koud of warm waart!
  3. Maar dewijl gij lauw zijt, en noch koud noch warm, zal ik u uitspuwen uit mijnen mond.
  4. Want gij zegt: Ik ben rijk en verrijkt, en behoef niets; en gij weet niet, dat gij zijt ellendig en jammerlijk, arm, blind en naakt.
  5. Ik raad u, dat gij goud van mij koopt, dat met vuur doorlouterd is, opdat gij rijk wordt; en witte klederen, opdat gij u kleedt en de schande uwer naaktheid niet openbaar worde; en ogenzalf om uwe ogen te zalven, opdat gij zien moogt.
  6. Wien ik liefheb, dien bestraf en kastijd ik. Zo wees dan ijverig en doe boete.
  7. Zie, ik sta voor de deur en klop aan; indien iemand mijne stem zal horen en de deur opendoen, tot dien zal ik ingaan en maaltijd met hem houden, en hij met mij.
  8. Wie overwint, dien zal ik geven met mij op mijnen troon te zitten, gelijk ik overwonnen heb, en ben gezeten met mijnen Vader op zijnen troon.
  9. Wie oren heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt!


Liefdevol en genadig is de Heer,
hij blijft geduldig en groot is zijn trouw.
Niet eindeloos blijft hij twisten,
niet eeuwig duurt zijn toorn.
Psalm 103 : 8 en 9